Zo meet je een nis op voor een inbouwkast op maat
Een inbouwkast op maat maakt optimaal gebruik van elke centimeter, maar alleen als de maten kloppen. Een paar millimeter verschil kan betekenen dat de kast niet past, dat er lelijke kieren ontstaan of dat deuren klemmen. Omdat maatwerk meestal niet geretourneerd kan worden, loont het om de tijd te nemen voor een zorgvuldige meting.
In dit artikel lees je hoe je een nis stap voor stap opmeet, waar je op let bij schuine wanden en hoe je omgaat met plinten, stopcontacten en andere obstakels. Met een rolmaat, waterpas, potlood en een notitieblok kom je al een heel eind.
Meet op meerdere plekken
Muren zijn zelden helemaal recht, ook niet in nieuwbouw. Meet daarom de breedte van de nis op drie hoogtes: vlak boven de vloer, in het midden en net onder het plafond. Doe hetzelfde voor de hoogte, links, in het midden en rechts. Noteer elke meting apart.
Voor de bestelling neem je steeds de kleinste maat. Een kast die iets smaller is, kun je netjes afwerken met een passtrook. Een kast die te breed is, krijg je simpelweg niet op zijn plek.
Vergeet ook de diepte niet. Meet vanaf de achterwand naar voren, zowel links als rechts, en controleer of er uitstekende delen zijn zoals een vensterbank of deurkozijn die de bruikbare diepte beperken.
Controleer haaksheid en waterpas
Leg een waterpas op de vloer om te zien of die afloopt. Een vloer die een centimeter verloopt over de breedte van de nis, heeft gevolgen voor de stelpootjes of de sokkel van de kast. Houd de waterpas ook verticaal tegen de zijwanden om te zien of ze schuin lopen.
Meet daarnaast de diagonalen van de nis, van linksonder naar rechtsboven en andersom. Zijn beide diagonalen gelijk, dan is de opening haaks. Verschillen ze flink, dan weet je dat je met afwerklijsten of extra speling rekening moet houden.
Schuine wanden onder het dak
Op zolder heb je vaak te maken met een schuine dakwand. Meet hier eerst de hoogte van de knieschot, de lage rechte wand waar de schuinte begint. Meet vervolgens de horizontale afstand vanaf die knieschot tot het punt waar je de maximale kasthoogte wilt hebben, en noteer daar de hoogte.
Met deze twee hoogtes en de horizontale afstand kan een kastenmaker de hoek van de schuinte bepalen. Je kunt de hoek ook zelf meten met een hoekzoeker of een smartphone-app, maar controleer die altijd met de losse maten. Op www.kastjes.nl vind je meer achtergrond over kasten voor verschillende ruimtes, wat handig is als je nog twijfelt over de indeling van je zolder.
Plinten en obstakels
Plinten zijn een veelvoorkomende bron van fouten. Meet je de breedte boven de plint, dan is de nis onderaan smaller dan je denkt. Besluit daarom vooraf of je de plinten weghaalt of dat de kast eromheen wordt gemaakt. Noteer in het tweede geval de hoogte en dikte van de plint.
Loop daarna de hele nis na op andere obstakels. Teken ze in op een schets met de exacte afstand tot de vloer en de dichtstbijzijnde wand.
- Stopcontacten en lichtschakelaars
- Radiatoren en leidingen
- Uitstekende kozijnen of vensterbanken
- Plafondlijsten en spots
- Schuine of verlaagde plafonddelen
Maak een duidelijke maatschets
Zet al je metingen op een overzichtelijke tekening van de nis, gezien van voren en van boven. Schrijf alle maten in millimeters om verwarring met centimeters te voorkomen. Geef ook aan aan welke kant de deuren moeten openen en hoeveel ruimte er vóór de kast vrij is, zodat deuren en lades volledig open kunnen.
Laat bij twijfel iemand anders de nis nog eens nameten. Een frisse blik vangt fouten op die jij zelf over het hoofd ziet, zoals een verkeerd afgelezen rolmaat of een omgedraaid cijfer.
